Automatiseren en memoriseren

Automatiseren en memoriseren

 Automatiseren is in groep 3 al een belangrijk aandachtspunt. Hiervoor zijn er verschillende drempels te nemen. In deze blog beschrijf ik het verschil tussen automatiseren en memoriseren, hoe je dit inzichtelijk kunt krijgen en lees je welke sommen geautomatiseerd moeten zijn.

Verschil automatiseren en memoriseren

Er is een verschil tussen automatiseren en memoriseren. Bij automatiseren is het toegestaan om een som met 1 tussenstap uit te rekenen of om gebruik te maken van een strategie of somtype. Denk hierbij aan verwisselsom, bijna-verdwijnsom of juist het aanvullen tot 10. Wel binnen een bepaalde tijd (max. 5 seconden).

Bij memoriseren is die stap niet meer toegestaan. De kinderen moeten direct in staat zijn om het goede antwoord te benoemen (max. 2 seconden).

Het rekenmuurtje van Bareka

Rekenen is een stapel vak. Je bouwt het rekenen steen voor steen op. Mist er een steen in het fundament door onvoldoende (vlotte) beheersing, dan mist er een goede rekenbasis. Dit komt meestal in de midden- en bovenbouw tot uiting bij complexere sommen.

Dat rekenen stapelbaar is, is inzichtelijk gemaakt met het rekenmuurtje van Bareka. Het rekenmuurtje is opgebouwd uit fases en drempels. Iedere laag (fase) bestaat uit allerlei bakstenen. Elke baksteen staat voor een som type of getalbegrip. Een aantal stenen zijn heel belangrijk. Dit zijn de drempels die genomen moeten worden. In groep 3 is drempel 1 een belangrijke. Dit zijn de plus-, min- en splitssommen tot 10. In groep 4 komen daar drempel 2 (getalbegrip tot 100) en 3 (bewerkingen over het eerste tiental) bij.

Het is van belang dat eerst drempel 1 is geautomatiseerd. Wanneer je de toetsen van Bareka gebruikt zie je dat aan een donkergroene steen in het muurtje. Wanneer dit het geval is kan het kind verder met de volgende drempel of een nieuwe fase. Op deze manier zorg je ervoor dat er geen hiaten ontstaan. 

Fase 1a staat voor groep 3 en fase 1b komt daarbij voor groep 4. Wanneer je goed kijkt in onderstaande afbeelding van het rekenmuurtje zie je dat er in deze fases al een aantal drempels te nemen zijn.

 Het rekenmuurtje geeft inzicht in de kennis van de leerlingen op power (beheersen ze het – tempo niet belangrijk) en speed (lukt het ook snel en is het geautomatiseerd). De meeste nieuwe rekenmethoden hebben het rekenmuurtje verwerkt in de aanpak rondom automatiseren.

Wij werken nu al een aantal jaar met het rekenmuurtje. Het geeft ons veel houvast en inzicht hoe het automatiseren ervoor staat. Daarnaast zijn er veel mogelijkheden qua toetsing. Kijk vooral eens op de site van het rekenmuurtje om er meer over te weten te komen. 

 Wanneer welke drempel?

Aan het eind van groep 3 moeten de drempels 1a, 1b en 1c geautomatiseerd zijn. Dit zijn dus alle plus- en minsommen tot 10 en de splitsingen tot 10. Begin groep 4 moet dit gememoriseerd zijn. Zelf oefen ik de splitsingen van 10 heel veel aan het begin van groep 3. Het is een mooi streven om de splitssommen al in het midden van groep 3 geautomatiseerd te hebben. Dit scheelt weer tijd aan het einde van groep 3.

In groep 4 moet volgens het rekenmuurtje drempel 1, 2 en 3 in het midden van groep 4 geautomatiseerd zijn. Bij drempel 3 zijn dat de sommen die over het eerste tiental gaan (14 – 7 en 8 + 6). Dit is echt een pittige drempel om te nemen! Het is van belang dat deze drempel eind groep 4 geautomatiseerd is. Begin groep 5 moeten deze sommen gememoriseerd zijn.

 Oefenen en tijd inruimen voor het automatiseren is dus ontzettend belangrijk. Ik schreef al een blog over de manieren waarop je kunt automatiseren. Deze kan je hier vinden.

Het rekencircuit: in groep 3/4

Het rekencircuit: in groep 3/4

 Een rekencircuit in een combinatiegroep kan een uitdaging zijn, maar het is niet onmogelijk. In deze blog staan suggesties hou je het aan zou kunnen pakken. Zelf heb ik geen groep ¾ ervaring. Een aantal tips komen dan ook van leerkrachten die wel deze ervaring hebben. In deze blog staan ideeën hoe ik het zou doen en een lijstje met spel en/of opdrachten die wel spelenderwijs zijn, maar minder ruis opleveren.

Samen waar het kan

Via Instagram kreeg ik een goede tip om rekendoelen te clusteren. Wanneer groep 4 werkt aan sommen met tientaloverschrijding (8 + 5 = …), kan groep 3 tegelijkertijd meedoen met het aanvullen tot 10 (eerst 2 erbij, want 8 en 2 is 10). Een ander voorbeeld: Wanneer groep 4 een lesdoel heeft met de kwartieren, kan groep 3 meedoen met de hele uren. Dit maakt het ook eenvoudiger om een rekencircuit met dezelfde soort spellen te spelen, alleen net even anders. Het enige wat je nodig hebt zijn andere opdrachtkaarten bij een bordspel. Dit sluit aan op mijn eigen visie op een combinatiegroep, namelijk: Samen waar het kan, alleen waar het moet.

Je kunt bovenstaande voorbeeld nog verder doorvoeren. Je kunt twee kinderen uit verschillende groepen samen een spel laten spelen in een rekencircuit. Denk hier maar eens aan de sommen tot 10. Waar groep 4 op snelheid moet rekenen, gaat het bij groep 3 in eerste instantie om rustig en goed. Zo werken ze aan dezelfde leerstof, maar gedifferentieerd op tempo. Het eenvoudigst is om de groepen te clusteren rondom doelen van de domeinen meten en meetkunde.

Hieronder zie je enkele voorbeelden hoe je spel in of buiten de klas samen kunt doen, maar wel op eigen niveau.

Speel somtikkertje

Alle kinderen krijgen een kaartje met een som of een antwoord. Groep 3 krijgt bijvoorbeeld sommen tot 10. Groep 4 oefent de keersommen. Ben je afgetikt? Ga naar een afgesproken plek en zoek degene die bij je hoort (qua antwoord of som).

Speel het spel met de bal

De kinderen van groep 3 gooien de bal en tellen in sprongen van 2. Groep 4 oefent de tafel van 5. 

Voer een rekenparcours uit

De ene groep werkt met getallen tot 100, de ander tot 20. Laat de buurgetallen opschrijven, teken het aantal (met stippen of sprongen) en spring naar de volgende getallen in de getallenrij. 

Organisatie van het rekencircuit

Je kunt op verschillende manieren een rekencircuit organiseren zodat beide groepen spelenderwijs kunnen rekenen, maar er ook rust is tijdens de instructies. Of dat groep 3 ruimte krijgt voor rekenen via spel en/of beweging en groep 4 met het werkboek aan de slag gaat. Ik werk 3 opties uit.

Optie 1: allemaal spelenderwijs leren binnen het circuit

In onderstaand schema zie je dat de groep verdeeld is over vier groepjes: 2 groepjes met leerlingen uit groep 3 en 2 groepjes met leerlingen uit groep 4. Iedere ronde is er een groepje bij de leerkracht. Dit kan je op meerdere manieren inzetten:

  • Het geven van instructie over het lesdoel.
  • Het geven van verlengde of verdiepende instructie.
  • Voor het spelen van een spel rondom het lesdoel.

Het is natuurlijk altijd mogelijk om voor het rekencircuit al instructie te geven. De andere groep is dan aan het werk rondom automatiseren of aan de slag met de herhaling van de vorige dag.

Je ziet op de afbeelding ook een stukje van mijn bordwerk om het inzichtelijk te krijgen. Elke ronde schuift de gekleurde schijf een vakje op. De kinderen weten bij welke kleur ze horen en zien op deze manier wat ze moeten doen of waar ze moeten zijn.

Optie 2: de groep als een geheel

In deze optie heb ik de klassen als één geheel gelaten, maar ze doorlopen wel vier verschillende onderdelen. Bij ronde 1 en ronde 2 is er tijd voor instructie. De andere groep werkt dan aan een rustige, maar ook zelfstandige taak. Denk hier bijvoorbeeld aan de methodesoftware.

In ronde 3 is iedereen aan het werk met een werkblad, het werkboek, een rekenpuzzel of een rekentekening. Dit zorgt voor rust in de groep, zodat je ook nog tijd hebt om eventueel verlengde of verdiepende instructie aan één groepje leerlingen te geven. Bij het laatste onderdeel is iedereen spelenderwijs actief rondom het rekendoel. Voor groep 3 kan je in plaats van het werkboek of een werkblad ook gebruiken maken van de tips verderop in deze blog.

Optie 3:

Hier ben ik ervan uit gegaan dat groep 3 een grotere groep is dan groep 4. Vandaar dat groep 3 verdeeld is over twee groepen. Voor het rekencircuit krijgt groep 3 (werk)instructie en gaat groep 4 automatiseren. Tijdens de rondes rekencircuit van groep 3 krijgt groep 4 een normale rekenles.

Dit zijn een aantal opties die je uit kunt werken. Belangrijkste is dat je gaat proberen wat past. Wat past bij jou, bij de kinderen en bij de school. Je kunt ook variëren binnen de verschillende opties of je eigen optie bedenken!

Speltips voor tijdens een instructie

Hieronder staan nog enkele speltips die je binnen een combinatiegroep eenvoudig in kunt zetten zodat er rust blijft in de klas tijdens de instructiemomenten. 

  • Stip-tot-stip
  • Doolhoven
  • Rekenpuzzels en breinkrakers (gratis download via de NVORWO)
  • Puzzelwerkboekje (eventueel van de methode)
  • Rekenkleurplaten
  • Piccolo
  • Mini Loco
  • Varia
  • Knijpkaarten: wat is het goede antwoord?
  • Domino en memory (eventueel zelfstandig laten uitvoeren)
  • Rekenhoek of themahoek (in de gang)
  • Smartgames
  • Puzzels
  • Blokkenbouwsels
  • IJslollystokjes en wasknijpers met getallen. Knijp de wasknijper op de goede plek van het stokje.

Lees ook mijn algemene blog over het rekencircuit of hoe mijn aanpak is door het gehele schooljaar

Het rekencircuit: door het schooljaar heen

Het rekencircuit: door het schooljaar heen

Om de doorgaande lijn van groep 2 naar groep 3 soepel te laten voorlopen heb ik een rekencircuit in mijn rekenlessen opgenomen. Het rekencircuit is eigenlijk in plaats gekomen van het speel-leer-werkmoment vanuit de groepen 1 en 2. Door het jaar heen komt er in de organisatie van mijn rekencircuit steeds meer verandering. In deze blog laat ik jullie zien hoe deze verandering er in mijn klas uitziet en hoe ik probeer te zorgen voor een goede doorstroming naar groep 4.

Periode 1: zomervakantie tot herfstvakantie

In deze periode leer ik vooral het werken in een circuit aan. Ik neem veel tijd om de organisatie goed neer te zetten. Zodat de wisselmomenten goed verlopen en de kinderen weten wat ik van ze verwacht op het gebied van samenwerken, werkhouding en stemgeluid. Tijdens het rekencircuit laat ik de kinderen voornamelijk rekenspellen spelen of werken met rekenmaterialen rondom een bepaald doel (denk maar aan de splitsbuis bij het leren splitsen). Zelf gebruik ik in deze periode geen werkboeken of werkbladen in het rekencircuit. Wel zo nu en dan een rekenkleurplaat, stip tot stip tekening, doolhof of laat ik de kinderen op een leeg A4-papier zelf rekentekeningen maken. Om het mezelf en de kinderen eenvoudiger te maken gebruik ik vaak materialen vanuit de kleuterklas. Materialen waar de kinderen al bekend mee zijn.

Als leerkracht neem ik in het begin van het schooljaar vaak de observerende rol aan. Ik kijk hoe de kinderen aan het werk zijn en waar mijn hulp nodig is. Ik bekijk of er nog aanpassingen nodig zijn en of ik afspraken aan moet scherpen. Ook kan ik vanuit deze rol observeren of de kinderen de rekenstof al beheersen. Hier gebruik ik het leerlingvolgsysteem van het digikeuzebord voor. Het kan ook zijn dat ik met een groepje kinderen aan mijn instructietafel ga zitten om een spel te spelen rondom het rekendoel of dat ik een spel/software op de iPad uitleg.

Periode 2: Herfstvakantie tot kerstvakantie

In deze periode loopt het rekencircuit meestal goed. De kinderen snappen het ondersteunende bordwerk wat ik gebruik (zie mijn blog het rekencircuit) en ze weten aan welke regels en afspraken ze zich moeten houden. Ik kies er dan ook voor om in deze periode werkbladen toe te voegen. De kinderen moeten immers ook leren werken op papier. Waarom geen werkboeken? Niet alles wat in de werkboeken staat vind ik altijd even nuttig. Ik maak (of zoek) liever een werkblad passend bij het doel. In mijn blog over automatiseren beschreef ik al wat voor werkbladen ik onder andere gebruik.

Spel krijgt nog steeds de meeste aandacht in het rekencircuit. Dit kan bij mij zijn of in tweetallen. Ik werk liever niet met viertallen omdat kinderen dan minder rekenbeurten krijgen. In tweetallen eis ik ook altijd dat de één het antwoord zegt en de ander het antwoord controleert. Voor spel kies ik vaak iets uit mijn eigen pakketten. Dit zijn over het algemeen bordspellen die de kinderen snel herkennen in werkwijze. De kinderen kunnen hier snel mee aan de slag aangezien alle benodigde materialen al in het rekenbakje zitten.

Periode 3: Kerstvakantie tot voorjaarsvakantie

Wanneer de kerstvakantie is geweest komt ook het eerste werkboekje op tafel, namelijk een werkboekje voor het automatiseren. Het automatiseerboekje kan onderdeel zijn van het rekencircuit. Zo laat ik de kinderen wel eens 5 minuten in het werkboekje werken en daarna nog even op de iPad. De iPad is eigenlijk vast onderdeel van het circuit. Hier werken ze met de methodesoftware, rekenapps of met de digitale stempels Kiene Cijfers. Zelf blijf ik actief controleren of de lesdoelen behaald worden tijdens het spel door mee te spelen, te observeren, vragen te stellen of controle opdrachten in te zetten. Extra instructie (verlengde of verdiepende instructie) geef ik op andere momenten op de dag, bijvoorbeeld wanneer de kinderen werken met een strippenkaart.

Periode 4: Voorjaarsvakantie tot meivakantie

Deze periode lijkt qua werkwijze voor de kinderen veel op periode 3. Het enige verschil is dat nu ook de werkboeken van de methode onderdeel kunnen zijn van het circuit. Op deze wijze oefenen ze vast met het werken in de werkboeken. Wel blijft spel nog een belangrijk element.

Mijn eigen rol verandert hier wel sterk. Ik ben zelf (bijna) standaard een onderdeel van het rekencircuit. De kinderen komen in groepjes bij mij langs en geef ik verlengde of verdiepende instructie. De groepen zijn gemixt in niveau. Zo kunnen de kinderen van elkaar leren en zelf differentieer ik waar nodig. De overige kinderen werken zelfstandig aan de opdrachten die zijn gegeven: werkboek, iPad of spel (binnen of buiten). Daarnaast blijf ik tijd reserveren voor extra rekentijd buiten de rekenles voor de kinderen die dit nodig hebben.

Periode 5: Meivakantie tot zomervakantie

Aan het begin van het jaar heb ik geprobeerd om de aansluiting van groep 2 naar groep 3 zo soepel mogelijk te krijgen, in deze periode is het van belang dat ik hetzelfde doe voor groep 3 naar groep 4.  De rekenlessen worden in deze periode meer methodisch. Na de instructie werken de kinderen eerst allemaal tegelijkertijd in het werkboek. Na het werken in het werkboek gaan we over op een rekencircuit. Dit kan een circuit zijn van meerdere dagen. Er is ook vaak een onderdeel wat te maken heeft met automatiseren. In plaats van een rekencircuit sluiten we de rekenles ook wel klassikaal af met een rekenspel. Het liefst buiten natuurlijk!

Zo is er door het jaar heen een verschuiving gekomen in mijn aanpak. Van een rekencircuit met alleen maar spel (en eventueel reken-tekenpapier en software), naar een rekencircuit als afsluiting van het werken in het werkboek. Deze verandering gaat door het jaar heen heel geleidelijk.

Ik merk ook dat de kinderen aan het eind van groep 3 meer behoefte hebben aan rustig kunnen werken in het werkboekje. Waar ze eerst nog wel een werkblad kunnen maken als onderdeel van het circuit komt er op een gegeven moment een kentering. Ik merk dan dat ze behoefte hebben aan rust om te werken. Door het werkboek eerst te doen en vervolgens een rekencircuit of spel wordt er ook aan die behoefte voldaan. Tegelijkertijd sluit ik zo ook weer beter aan bij de werkwijze van groep 4.

Automatiseren en memoriseren

Manieren van automatiseren

Bij het lezen is er over het algemeen dagelijks tijd en ruimte voor het herhalen van de letters en de woorden. Bij het rekenen is het automatiseren net zo belangrijk. Het automatiseren is belangrijk om eventuele rekenproblemen in de bovenbouw te voorkomen. In deze blog laat ik een aantal manieren zien hoe ik het automatiseren van de rekenleerstof in groep 3 aanpak.

Lees hier meer over automatiseren en memoriseren. 

Werkboek of werkbladen

Wanneer je me wat langer volgt weet je dat ik liever niet met werkboeken werk. Echter voor het automatiseren maak ik een uitzondering. Na de herfstvakantie introduceer ik een (automatiseer)werkboekje waarin de kinderen kennis maken met het op papier werken.

Het ideale werkboekje heb ik nog niet gevonden. Vaak maak ik aan het begin van het jaar zelf werkboekjes waarin de leerstof van een voorgaande periode terugkomt. Hiervoor maak ik gebruik van diverse websites waarin je kant-en-klare werkbladen kunt uitprinten, ik maak gebruik van kopieermappen (Met Sprongen Vooruit, Maatwerk of werkbladen die bij een rekenmethode horen) of ik maak de werkbladen zelf.

Vanaf januari krijgen de kinderen een echt werkboek met sommen. Hier werken ze regelmatig 10 minuten achter elkaar in. De kinderen die nog niet zo ver zijn krijgen op dat moment extra instructie om de rekenleerstof onder begeleiding te oefenen. We racen ook wel eens door de sommen: even 2 minuten op je allersnelst sommen maken.  

Spelenderwijs automatiseren

Er zijn verschillende manieren om spelenderwijs te automatiseren. Natuurlijk denk ik hierbij aan diverse (bord)spellen die op de markt zijn. Ik maak zelf veel gebruik van mijn eigen spellenpakketten. Zo zet ik mijn spelborden in om de sommen te oefenen, maar maak ik ook veel gebruik van de flitskaartjes van de splitsingen en de sommen. Deze kan ik bij veel spellen inzetten, zo zijn de kinderen doelgericht bezig.

Bij het automatiseren wil je natuurlijk dat de kinderen veel sommen in korte tijd weten te beantwoorden. Om de tijdsdruk op te voeren kan je zandlopers of timers inzetten. Wanneer kinderen bij een (bord)spel een som of splitsing moeten oplossen kan je de regel toevoegen: los zoveel mogelijk sommen binnen de tijd van de zandloper op. Die somkaartjes mag je houden of zoveel punten heb je verdiend. Een kleine wijziging aan het spel, maar zo voeg je eenvoudig het element tijd toe in het rekenspel. 

Spellen

Er zijn ook heel veel spellen op de markt die goed in te zetten zijn in de rekenles en thuis. Denk maar aan Regenwormen, Yahtzee en Qwixx. Spellen waarbij veel uitgerekend mag worden. Daarnaast werken de Drempelspellen en de spellen van MSV ook goed om het automatiseren op gang te helpen. Waarbij deze het voordeel hebben dat ze ook per drempel in te zetten zijn, zodat ze ondersteunend kunnen werken bij het rekenmuurtje van Bareka.

Coöperatieve werkvormen

Naast bordspellen kan je ook spelenderwijs automatiseren door gebruik te maken van coöperatieve werkvormen. Er zijn diverse in te zetten: denk maar aan mix en ruil, binnen- en buitenkring of de rotonde. Allemaal werkvormen die ook voor het automatiseren nuttig zijn. Zelf gebruik ik hier vaak de splits- of somkaartjes voor. Iedereen krijgt een kaart en zoekt zoveel mogelijk klasgenoten op om de sommen op de kaartjes te oefenen.

Maar ook met de vingers kan er veel geoefend worden, bijvoorbeeld in de binnen- en buitenkring. De binnenkring flitst een getal op de vingers, de buitenkring moet dit aanvullen tot een van tevoren afgesproken getal tot 10. Of de binnen- en buitenkring flitst tegelijkertijd een vingerbeeld en je krijgt een punt wanneer het samen 10 is. De rotonde is weer leuk om met een groepje zoveel om de beurt mogelijk sommen te benoemen die samen 1 zijn of samen 10. Of om alle splitsingen op te noemen van 7.

Foto 1: bewegend automatiseren. De één zegt een som en de ander springt op het goede antwoord. Foto 2: coöperatieve werkvorm mix en ruil met de splitsingen. Foto 3: met dobbelstenen kan je ook automatiseren. Gooi 2 dobbelstenen en zeg zo snel mogelijk hoeveel het samen is. 

Bewegend automatiseren

Een aantal coöperatieve werkvormen vallen ook onder bewegend automatiseren. Lopen door de klas en in beweging zijn door sommen op te lossen. Bij het bewegend automatiseren is er echter nog veel meer mogelijk. Denk maar aan al die jog- en beweegfilmpjes die er online zijn. Heb je die van mij al gevonden op YouTube? Je kunt de hele tijd joggen, maar dat is helemaal niet nodig. Je kunt meerdere bewegingsvormen toevoegen, namelijk: op één been staan, jumping jacks, stappen op de plaats, knieheffen, je linkervoet optillen en met je rechterhand aanraken, etc.

Wil je nog meer leuke beweegtips voor het automatiseren? Mijn gratis e-book bewegen en rekenen kan je hieronder downloaden.

Dieren en rekenen

Dieren en rekenen

Voor het thema dieren had ik al het één en ander aan materiaal gemaakt. Nu staat alles rondom dit thema bij elkaar in deze blog, zoals rekenideeën rondom het thema dieren, diverse downloads en een beweegfimpje. Veel plezier met het rekenen rondom thema dieren.

Rekentips rondom het thema dieren

Voor het thema dieren zijn voldoende rekentips te bedenken. Zelf maak ik bij het thema dieren altijd gebruik van diverse puzzels, zoals de tangram. 

Tangram

Laat de leerlingen dieren maken van tangram. Dat kan ook met allerlei verschillende soorten tangram. Denk ook maar eens aan het tangram-hart of ei. Laat de leerlingen zelf dieren ontdekken met tangram puzzelstukken of gebruik als introductie het boek Tangramkat.

De rekenhoek – een puzzelhoek

Verander de rekenhoek in een puzzelhoek. Leg daar bijvoorbeeld tangrampuzzels neer of andere dieren puzzels. Kijk ook eens in de kast van de kleuters. Maak ook eens gebruik van een puzzel met heel veel stukjes (200 of 300). Deze puzzel maken wordt een groepswerk. Elke keer leggen kinderen er een stukje bij.

 

Dierentuin maken

Maak met de kinderen een dierentuin met constructiematerialen. Maak voor het maken van dieren bijvoorbeeld eens gebruik van het constructiemateriaal LaQ. Uiteindelijk maken ze van de dierentuin een plattegrond. Wie weet nog met een legenda en een folder. Een opdracht waarbij alle vakgebieden komen kijken. Bij onderstaande foto’s zie je een voorbeeld van een dinopretpark. 

Beweegfilmpje E3 – thema dieren

Ga in beweging met het beweegfilmpje dieren. Onderstaand filmpje is de snelle variant (3 a 4 seconden per beeld). Er is ook een versie beschikbaar waarin het tempo wat lager ligt.  

Downloads

Hieronder staan diverse downloads rondom het thema dieren. 

Bingo voor twee – getalbegrip

Speel in tweetallen het spel bingo voor 2 getalbegrip. Zoek elke keer het grootste getal tot 100. Wie krijgt de meeste vakjes bedekt of misschien wel allemaal! Download het hier:

Bingo voor 2 – dieren – getalbegrip tot 100.

Dieren rekenplaat

Print een rekentekening uit (twee soorten). Geef somkaarten, splitskaarten of dobbelstenen. De kinderen lossen de som op (of maken de som) en kleuren een vakje van de kleurplaat.

Dieren rekenplaat

Nog meer downloads op de site

Klik op de afbeeldingen hieronder voor twee geldspellen en/of  blue-bot kaarten.

Dieren geldspel
Dieren dobbelspel

Reken en teken – dieren

Bij het pakket reken en teken gaat het om sommen maken met meerdere dobbelstenen. Reken uit hoeveel het samen is (of maak er een minsom van). Kijk op het schrijfoefeningenblad welke schrijfoefening daarbij hoort. Vul nu een stukje kleurplaat in met de betreffende schrijfoefening.

4.95