Nationale buitenlesdag 2019

Nationale buitenlesdag 2019

Dit weekend ben ik weer druk bezig geweest met de voorbereidingen van de nationale buitenlesdag. De groepen 1 t/m 3 van mijn school doen voor de tweede keer hier aan mee. Dit jaar is de buitenlesdag op dinsdag 2 april.

Jantje Beton en de IVN

De nationale buitenlesdag is een initiatief van Jantje Beton en de IVN. Op deze dag is het de bedoeling om zoveel mogelijk buiten les te gaan geven. Goed voor de leerprestaties, maar ook gewoon heel leuk om te doen. Iets waar ik het helemaal mee eens ben!

Aanmelden

Een aantal weken geleden heb ik onze school aangemeld voor de buitenlesdag van dit jaar. We hebben enige tijd later een link ontvangen naar de buitenlesbundel van 2019. De ideeën van 2018 staan ook nog online. In deze bundel staan per bouw, drie buitenlesideeën. Voor elke bouw is er in ieder geval een taal- en rekenopdracht.

Aanmelden kan via de site van de buitenlesdag.  

Rekenen tijdens de buitenlesdag

Tip: zorg voor genoeg stoepkrijt!
Afbeelding van McElspeth via Pixabay

Tijdens de editie van 2018 ben ik gefilmd door RTV Drenthe. De reportage hiervan is op Facebook gekomen. Kijk dit hier terug! Tijdens de buitenlesdag van 2019 ga ik de volgende rekenopdrachten doen:

Uit de buitenlesbundels

Klokkijken

In de bundel staat bij de groepen 3 en 4 een rekenactiviteit rondom klokkijken, namelijk hele en halve uren. Een leuk spel, wat zeker geschikt is voor mijn groep 2-3. Toevallig heb ik een aantal weken geleden een les klokkijken gezamenlijk gedaan. Groep 2 moest bijvoorbeeld aangeven tussen welke getallen de wijzers staan, groep 3 moest de tijd benoemen. Natuurlijk waren er ook groep 2 leerlingen die goed mee konden doen met het benoemen van de tijden. Nu gaan we daar buiten verder mee oefenen.

Buitenbingo

Uit de buitenlesbundel van 2018 komt het idee van buitenbingo (groep 1/2). De leerlingen gaan dan oefenen met het optellen van twee dobbelstenen. Er worden eigen bingokaarten gemaakt met getallen tot 12. Groep 3 kan ervoor kiezen om te werken met drie dobbelstenen. Wie heeft als eerst al zijn getallen bij elkaar gegooid?

Beschrijven van routes

De lessen meetkunde staan deze periode in het teken van lokaliseren en routes. Het komt voor ons dus heel goed uit dat daar ook een opdracht over te vinden is, namelijk ‘spoorzoeken‘. De leerlingen gaan oefenen met het leggen en volgen van een route van A naar B.

Eigen invulling

In mijn blogs naar buiten! en naar buiten deel 2 stonden al allerlei activiteiten rondom getalbegrip: buurgetallen, het springen van getallen en tekenen op de getallenlijn. Hier ga ik mee verder, maar ik maak dit keer een combinatie van allerlei onderdelen.

Getalbegrip

Via de Instagram pagina van Doe Vrijdag kwam ik op het volgende idee.

Iedereen pakt een getalkaart (groep 2 tot 20/30, groep 3 tot 100). De leerlingen springen naar dit getal. Groep 3 doet dit in sprongen van 10 en huppen van 1. Groep 2 maakt huppen van 1. Als ze het getal gesprongen hebben schrijven ze het getal op (groep 2) of tekenen ze de sprongen op een getallenlijn (groep 3). Is dat gelukt dan lopen ze naar de hoepels en tellen (al springend) verder. Daarna mag een nieuw getal gepakt worden.

Memory estafette

Vorig jaar heb ik tijdens de buitenlesdag ook memory gespeeld in de vorm van een estafette. De leerlingen moesten het getal en de getallenlijn bij elkaar zoeken. Dit spel heb ik toen zelf gemaakt en goed bewaard.

Spel met de insteekhoezen

Op het plein liggen allemaal insteekhoezen met getallen er op. De kinderen pakken een kaart en gaan op zoek naar de goede hoes.

Groep 2: getalbeelden oefenen

De kaartjes met diverse hoeveelheden en getallen (vingers, smileys, dobbelstenen, klokken, e.d.) moeten naar het goede getal gebracht worden. Ik gebruik hiervoor het spel MEP. Maar ik leg ook de opdrachtenkaarten uit het spel alle tien gezien klaar. Dit zijn kaartjes met de getallen 1 tot 10, maar één cijfer ontbreekt. Dit laatste spel (inclusief kaartjes) vind je hier.

Groep 3: automatiseren van sommen

Diverse somkaartjes moeten naar het goede antwoord gebracht worden.

Uit verhouding

Aan het eind van de nationale buitenlesdag gaan we alvast voorbereidend aan de slag voor de Grote Rekendag. Zie de blog die ik voor Juf Maike schreef. Ik laat de leerlingen foto’s maken die uit verhouding zijn.

Veel plezier allemaal met het buiten lesgeven!

Oefenen met de splitsingen

Oefenen met de splitsingen

Het beheersen van de splitsingen tot en met 10 is essentieel. Ik probeer de splitsingen daarom met grote regelmaat te oefenen.

Oefenen met splitsen

In de loop van de jaren heb ik heel wat materialen verzameld die te gebruiken zijn rondom het splitsen van getallen. Hieronder volgen enkele spellen en materialen die te gebruiken zijn.

iPad en splitsen

Wij hebben in de klas voor iedere leerling een iPad. Wij zetten de iPad dus regelmatig in. Ik gebruik vaak Gynzy, Squla of Ambrasoft.

Splitsen op de iPad

Jomathic en de splitshuizen

Over Jomathic heb ik al een keer een blog geschreven. Het blijft één van mijn favoriete materialen om met splitsen bezig te zijn.

Jomathic is ook goed te gebruiken i.c.m. splitshuizen. Zo kunnen de kinderen controleren of de splitsing klopt. Stapel de 1 en 4 op elkaar en dan is het even groot als de 5.

Jomathic en de splitshuizen

Splitsmachine

Als je een beetje handig bent of je kent iemand die een beetje handig is kan je vrij eenvoudig je eigen splitsmachine maken. Gelukkig heb ik een heel handige vriend en die heeft mijn eigen splitsmachine gemaakt.

Tip: laat ze opschrijven wat de splitsingen zijn. Ik leg er altijd rekenpapier bij. Vraag die je kunt stellen is: welke splitsing heb je nu nog niet gehad? Een variant: dek één kant af en laat een leerling bepalen hoeveel er onder het kleed ligt. De mogelijkheden zijn eindeloos!

Je kunt de leerlingen zelf ook een splitsmachine laten maken, met bijvoorbeeld wc- of keukenrollen. Of kant-en-klare splitsbakjes aanschaffen bij je schoolleverancier.

Splitsbordjes

Ben je niet zo handig? Je hebt ook van die plastic bordjes met 3 vakken. Deze zijn ook goed te gebruiken bij het splitsen van getallen. Ik gebruik daar vaak splitskaartjes bij. De leerlingen kunnen dan met bijvoorbeeld knikkers de splitsing nabootsen.

Voorbeeld: je moet 8 verdelen in 5 en … Je legt de opdrachtkaart in een vak. Je pakt de benodigde knikkers, in dit geval 8. Je legt er 5 in een leeg vak. Hoeveel heb je er over? Leg dat neer in het overgebleven vak. Wat is nu de splitsing? Laat ze dit opschrijven of schematisch weergeven (in het begin van groep 3).

Spelletjes om het splitsen te oefenen

In mijn winkel heb ik voor elke splitsing een splitspakket gemaakt. Vol met bordspellen, flitskaartjes en rekenkleurplaten.

Via de site van Rondje Rekenspel zijn er veel rekenspellen beschikbaar. Hier zitten ook splitsactiviteiten bij. Je kunt ook spellen kant-en-klaar kopen. Denk dan aan de drempelspellen of Met Sprongen Vooruit. Ik ben heel enthousiast over deze spellen en zet ze vaak in tijdens mijn lessen.

Voorbeelden van de drempelspellen:

  • Duo Zes & Zeven
  • Duo Acht & Negen
  • Duo Tien
Spelletjes om het splitsen te oefenen.
De rode kaarten horen bij het spel Duo Zeven. Op de foto ook nog een ander splitspel (bingo – voor – 2). Op internet in vele varianten te vinden.

Voorbeelden van Met Sprongen Vooruit:

  • Verliefde-harten memory
  • Samen 5
  • Splitsmemory

Splitspakketten van de rekenhoek

In mijn eigen winkel staan ook heel veel leuke splitspakketten. Hieronder staan ze afgebeeld:

Naar buiten – deel 2

Naar buiten – deel 2

Nu de lente weer is begonnen en de zon vaker begint te schijnen is het natuurlijk fijn om weer veel buiten te zijn. De afgelopen weken ben ik al een aantal keer naar buiten gegaan om rekenles te geven.

Met de rekendoelen naar buiten

Een aantal rekendoelen van de afgelopen weken heb ik voorbij laten komen. Zo is getalbegrip nog steeds heel belangrijk. De vorige buitenles ging het voornamelijk over: van klein naar groot en het getal ongeveer op de getallenlijn tot 100 plaatsen. Deze week zijn we in de klas druk bezig geweest met het springen van de getallen en het tekenen op een getallenlijn.

Observeren

Als leerkracht observeer ik ook tijdens een buitenles welke leerlingen het lukt. Je weet vaak wel welke leerlingen meer moeite hebben met het rekenen. Deze leerlingen controleer ik altijd even extra. Het buiten rekenen is dus niet alleen vrijblijvend.

Springen van de getallen

In de klas hadden we al geoefend met het springen van getallen met sprongen van 10 en huppen van 1. We hadden daar al allerlei activiteiten meegedaan. Maar buiten is er natuurlijk veel meer ruimte…

We zijn eerst gaan springen naar diverse getallen tot 100. Eerst met elkaar hardop, bijvoorbeeld naar 34: 10 – 20 – 30, 31 – 32 – 33 – 34. De huppen van 1 klappen wij. Daarna mochten de leerlingen het op eigen tempo doen. Ik liet een getalkaart zien en zij sprongen er naar toe.

Tekenen van de getallen

Na het springen van de getallen mochten de kinderen een kaartje pakken en de getallen gaan tekenen met stoepkrijt. Hier zijn ze lange tijd mee bezig geweest. Op het laatst mochten ze nog zelf getallen verzinnen en die uittekenen. Dat varieerden van 1, 5 tot 120.

Automatiseren

Tot slot zijn we nog aan de slag gegaan met het automatiseren van de sommen tot 10. In de loop van de jaren heb ik al veel somkaartjes gemaakt die ik hiervoor gebruik. In verschillende kleuren, zodat ik weet om wat voor een somtype het gaat. Alle geleerde sommen heb ik bij elkaar in een bak gegooid. Iedereen kon een som pakken en het naar het goede antwoord brengen.

Deze activiteit doen we heel vaak, maar het blijft een succesnummer. Als variant doe ik het soms met een wachter erbij. De wachter moet dan controleren of het somkaartje wel in de goede insteekhoes komt.

Al met al was het heel verfrissend om weer een hele les buiten te kunnen geven na al die regen. Aanstaande dinsdag doen we weer mee met de buitenlesdag, dus gaan we weer heerlijk naar buiten! Wie ook?

Het rekencircuit

Het rekencircuit

Om tegemoet te komen aan de bewegingsdrang van deze leeftijdsgroep werk ik graag met een rekencircuit. We werken aan één onderdeel, even bewegen, wisselen en weer aan het werk. Er is afwisseling in het geheel.

Organisatie van een rekencircuit

In het begin van het jaar zijn de onderdelen in het rekencircuit kort en krachtig. Soms maar 10 minuten per keer. Juist dan zet ik in op een goede organisatie. Aan bod komen de verschillende afspraken die ik heb in de groep. Denk onder andere aan:

  • Samenwerking.
  • Zelfstandigheid.
  • Werkhouding.
  • Wat te doen als je klaar bent.

Betere concentratie, minder onrust

Sinds ik in circuitvorm werk, merk ik dat er minder onrust is in de groep. Sommige leerlingen zijn tijdens een normale les snel klaar met hun taak en moeten langere tijd werken aan een klaaropdracht. Mijn ervaring is dat er dan vaak onrust ontstaat, waardoor je als leerkracht niet in alle rust verlengde of extra instructie kunt geven.

Door het werken in een rekencircuit hoeven de leerlingen in principe nooit langer dan twintig minuten (eind groep 3) geconcentreerd aan een onderdeel te werken. Dit is goed te overzien.

Bordwerk

Het rekencircuit ondersteun ik op het bord. In Gynzy heb ik een les rekencircuit aangemaakt. Ik verdeel de leerlingen in groepen. Het ligt aan de grootte van de groep hoeveel onderdelen ik in zet. In een kleine groep zijn het er drie en in een grote groep zijn het er vier (of meer).

In de vakken links schrijf ik de namen. Zo weet ieder kind direct met welk onderdeel hij of zij moet starten. Als de tijd voorbij is, draai ik het rad en gaan de leerlingen naar het volgende onderdeel.

Bordwerk van het rekencircuit
Bordwerk rekencircuit

Draaischijven voor het bordwerk

Wil je ook een draaischijf als afbeelding toevoegen op het bord (Gynzy, Prowise of ActivInspire)? Klik dan hier. Je krijgt dan onderstaande afbeeldingen in een Word-document om zelf toe te voegen en te gebruiken.

Circuit onderdelen

Voor het gemak werk ik altijd met een paar vaste onderdelen. Denk hierbij aan de iPad en aan een onderdeel bij mij aan de instructietafel voor verdieping of extra instructie.

Je kunt ook het (digi)keuzebord gebruiken in een circuit. Lees: Digikeuzebord in groep 3.

Variërende onderdelen

De overige onderdelen van het circuit verschillen. In het begin van groep 3 zijn het over het algemeen spellen die ze zelfstandig kunnen spelen. Deze spellen introduceer ik klassikaal of ze zijn al een keer aan bod gekomen in een kleine groep bij mij aan tafel. Twee keer in de week heb ik een hulpoma en die speelt ook vaak rekenspellen, die ik later weer inzet.

Rekenspellen

Inmiddels heb ik een grote collectie spellen verzameld. Het voordeel van het niet werken uit werkboeken, is dat ik van het geld wat ik bespaar spellen koop. Elk jaar groeit hierdoor mijn rekenmateriaal! Spellen die ik vaak gebruik komen o.a. van:

Met Sprongen Vooruit

Rekenspellen van SLO Het voordeel van deze site is dat je de spellen gratis tot je beschikking hebt. Uitprinten, lamineren en klaar. Deze rekenspellen zijn uitgegeven als drempelspellen bij Wizzspel.

Werkbladen en werkboeken

Later in het jaar volgen er werkbladen. Dit doe ik pas na de herfstvakantie. Ik kies voor werkbladen die de leerlingen zelfstandig kunnen maken en die vooral goed passen bij het lesdoel. Werkbladen haal ik overal en nergens vandaan of ontwikkel ik zelf.

Werken in werkboeken

Vanaf de meivakantie komen de werkboeken op tafel. De werkboeken worden dan onderdeel van het rekencircuit. Ik kijk goed welke onderdelen belangrijk zijn. Vaak komt het voor dat er meerdere doelen door elkaar heen lopen of dat de leerstof net niet passend is bij het doel. Hier maak ik dus keuzes in. Ik geef aan in welke volgorde de leerlingen het werk moeten maken. Bijvoorbeeld: eerst som 3, dan som 4 en tot slot som 1. Het belangrijkste onderdeel eerst, vanwege de korte tijd die beschikbaar is.

Differentiatie

Ik denk altijd goed na over de indeling van de groepjes. Zo heb ik altijd een groepje leerlingen die wat meer aan kunnen. Zij krijgen bij mij aan tafel de uitdaging die ze nodig hebben. De intensieve- en basisgroep verdeel ik vaak over de andere twee groepen. Zo kunnen we van elkaar leren!

Voor meer informatie over het rekenen zonder rekenmethode lees je ‘Werken zonder rekenmethode‘ of ‘Werken zonder rekenmethode: de doelen‘.

Naar buiten!

Naar buiten!

Als het even kan en het programma laat het toe dan ga ik met de klas naar buiten. Gelukkig stel ik het programma zelf samen, dus naar buiten kan al snel. Even een frisse neus en een frisse blik naar de (reken)leerstof. Van de week hadden we geluk. Het was prachtig weer in februari. De jassen konden uit en de zonnebril op! Dan is een buitenrekenles extra genieten.

Aansluiten bij de rekenles

’s Morgens hadden we een rekenles over de getallenlijn van 0 tot 100. De kinderen moesten getallen tot 100 ongeveer op de goede plek op de getallenlijn plaatsen. We hadden daarbij afgesproken dat je eerst kijkt of het getal meer of minder waard is dan 50. Daarna moesten ze, in het geval van minder, kijken of het getal dichterbij de 0 of 50 zit. En andersom natuurlijk of het dichterbij de 50 of 100 zit. We bespraken de helft van 50 en welk getal er precies tussen de 50 en 100 zit. Ook de tientallen kwamen aan bod: tussen welke tientallen zit het getal? Zo probeerden we de getallen op de goede plekken te krijgen. Veel informatie voor sommige kinderen zo direct na de vakantie.

Buurgetallen

Na de lunchpauze en het buiten spelen zijn we buiten gebleven om het zelf te gaan ervaren. We begonnen met het pakken van een getalkaart en dan de buurgetallen bepalen. Dit hebben we voor de vakantie al vaker besproken. We schreven dit met stoepkrijt op het plein.

Getallenlijn tot 100

Daarna gingen we verder met het inoefenen van de getallenlijn tot 100. Ik tekende een grote getallenlijn op het plein. 0, 50 en 100 had ik hierop aangegeven. Vervolgens pakte alle kinderen een kaart en gingen op de goede plek staan. Extra lastig omdat alle 18 kinderen uit groep 3 meededen en ze ook nog van klein naar groot moesten staan (herhaling). De getallen tot 50 waren snel gedaan, boven de 50 was iets lastiger… Maar met elkaar kwamen we er prima uit!

Getalkaart op de goede plek leggen

Als laatste opdracht moest iedereen in een tweetal zelf een getallenlijn tekenen en zes getalkaarten op de goede plek leggen. Dit ging al een stuk beter! Uiteindelijk gingen we voldaan weer het klaslokaal in. Allemaal weer een (succes)ervaring rijker!