Blue-bot in de rekenles

De blue-bot in de rekenles! Ga aan de slag met de opdrachtkaarten en oefen het tellen tot 10 of de verliefde harten.

Op school zijn wij in het bezit van een blue-bot en die zetten we regelmatig in tijdens de lessen. Een vergelijkbare robot is de bee-bot.

Programmeren

De blue-bot is een mini robot die je kunt programmeren. Door te programmeren loopt de robot een route (vooruit, achteruit en 45 graden draaien naar links of naar rechts). Door te programmeren werk je aan de 21e eeuwse vaardigheden, namelijk het onderdeel computational thinking.

In deze blog ga ik niet in op het programmeren, daar is al heel veel informatie over te vinden op het internet. Bijvoorbeeld bij meester Sander. Zelf geef ik rekenopdrachten die je in de klas kunt gebruiken. Met downloads!

Blue-bot met opdrachtkaarten

Blue-bot en de mat

Er zijn verschillende matten die je kunt gebruiken bij de blue-bot. Je vindt steeds meer voorbedrukte matten met bijvoorbeeld letters of cijfers. De transparante mat is waarschijnlijk het vaakst terug te vinden op scholen. Mits je in het bezit bent van een blue-bot (of bee-bot)…

Voor de transparante mat heb ik kaarten gemaakt in het thema huisdieren.

Variant groep 1 en 2: tellen

Je hebt een dobbelsteen nodig die tot 10 gaat. De kinderen gooien met de dobbelsteen en programmeren de blue-bot naar hetzelfde aantal dieren.

Variant groep 3 en 4: verliefde harten

Voor groep 3 en 4 heb ik de opdracht dat ze naar een verliefde hart toe moeten programmeren. Gooien ze zes, dan programmeren ze naar het kaartje waarop vier dieren staan. Gooien ze 10, dan programmeren ze naar een vakje waar geen kaart onder ligt.

Transparante mat met opdrachtkaarten voor de blue-bot.
Blue-bot en de transparante mat

Andere activiteiten met de mat

  • Het spel MEP. Leg kaarten uit het spel MEP, bijvoorbeeld de hele uren onder de mat. Gooi met de dobbelsteen (van 12 of twee keer een dobbelsteen van 6) en programmeer met je blue-bot er naar toe. Gebruik je twee dobbelstenen van zes, dan laat je het kaartje van 1 uur achterwege. Deze variant kan ook met de andere kaarten uit het spel (geld, kralen, smiley’s, vingerbeelden, liniaal, turven, e.d.).
  • Leg getallen tot 12 of 18 onder de mat. Laat kinderen met twee of drie dobbelstenen gooien en naar het goede antwoord programmeren. Gebruik je drie dobbelstenen dan hoef je de getalkaarten 1 en 2 niet te gebruiken. Of maak kaartjes met sommen van de rekencategorie die je net hebt aangeleerd. Denk aan verliefde harten, tweelingsommen, bijna-tweelingsommen. De kinderen programmeren naar het goede antwoord.

Blue-bot zonder mat

Een leuke uitdaging is om te programmeren met de blue-bot zonder mat. Hiervoor heb ik ook kaarten gemaakt. De hond moet naar zijn mand, de poes naar de krabpaal, de hamster naar zijn rad en de vis naar de kom.

De kinderen leggen de kaarten zelf ergens neer en maken van kapla een weg er naar toe. Vervolgens programmeren ze de blue-bot en kijken ze of de robot op de goede plek uitkomt.

Download de kaarten

Download de kaarten en print ze uit. Let op!! Zorg dat je de afdrukinstelling zet op twee pagina’s per vel. Dan zijn de kaarten mooi van formaat.

Wellicht verschijnen er in de toekomst meer opdrachtkaarten!

Dobbelspel: samenstellen van geld

Vier dobbelspelen om te oefenen met het samenstellen van bedragen.

Om het samenstellen van bedragen in te oefenen heb ik een dobbelspel ontworpen. Het spel is geschikt voor groep 3 en 4. Na een korte uitleg kunnen de kinderen er zelfstandig mee aan de slag.

Het dobbelspel

Vanwege de verschillende gelddoelen (methode en de tussendoelen van de SLO) heb ik ervoor gekozen om meerdere varianten van het dobbelspel te maken. Hieronder een korte samenvatting van elke speelkaart.

Spel 1: verzamel dieren

Bij dit spel gaat het om het verzamelen van dieren. Je oefent het samenstellen van bedragen tot 100 euro. Als je bij dit spel 1 gooit heb je extra mazzel, want dan krijg je twee munten!

Spel 2: spullen uit de dierenwinkel

Dit spel heb ik verdeeld in twee niveaus. Met beide kaarten oefen je het samenstellen van bedragen tot 50 euro. Het verschil zit hem in het gebruik van de 50 cent. Deze zit alleen in spel 2A. Je stelt bij deze kaart ook bedragen samen waarin 50 cent zit verwerkt. Denk aan €3,50 of €6,50.

Wil je het spel zonder de 50 cent spelen? Gebruik dan spel 2B.

Spel 3: snoep kopen

Bij het laatste spel gaat het om het samenstellen van bedragen tot 60 eurocent. Dit onderdeel wordt gevraagd in de methode Pluspunt 3, blok 10.

Spelregels en het spel

Download het dobbelspel om bedragen samen te stellen!

De spelregels vind je in het document. Wees vrij om je eigen regels toe te passen. Wat werkt voor jouw groep, werkt toch het prettigst.

Het je geen speelgeld in de groep? Maak dan gebruik van deze printbladen.

Veel speelplezier!

Meer oefenen rondom geld? Speel het thema dieren geldspel

Thema dieren: geldspel

Voor het thema dieren(winkel) heb ik een geldspel gemaakt voor groep 3. Door het spel te spelen oefen je met het tellen van bedragen tot 30 euro.

Dieren-geldspel

Wij werken op school vanaf deze week rondom het thema de dierenwinkel. In dit thema komt het onderdeel geld veel naar voren. Je moet kunnen uitrekenen hoeveel de klant moet betalen, je moet weten hoe je kunt betalen en je moet weten hoe je geld kunt wisselen of teruggeven. Kennis (ophalen) van de biljetten en munten is dus wel raadzaam. Dit gaan we doen met het dieren-geldspel. Dit spel heb ik voor groep 3 gemaakt.

Doelen

Met het dieren-geldspel werk je aan de einddoelen van groep 3 rondom het subdomein meten, onderdeel geld (SLO), namelijk:

    • De leerling kent de munten van 1 en 2 euro en de biljetten van 5 en 10 euro.
    • De leerling kan bedragen tot en met 20 euro samenstellen met munten van 1 en 2 euro en biljetten van 5 en 10 euro.

Drie speelkaarten

Bij het dieren-geldspel heb ik drie speelkaarten gemaakt. De doelen van de SLO gaan tot bedragen van 20 euro, maar er zijn ook leerlingen die meer aan kunnen. Vandaar nog twee andere versies:

    • Kaart 1: ronde bedragen tot 20 euro (zoals €13, €6 en €9).
    • Kaart 2: ronde bedragen tot 30 euro (zoals €27, €12 en €25)
    • Kaart 3: bedragen tot 30 euro – met 50 cent (zoals €16,50, €29 en €8,50).
    • Kaart 4: ronde bedragen tot 12 euro (speciaal voor groep 2). 

Spelregels

Kies de kaart die geschikt is voor jouw leerlingen. Twee kinderen spelen met één kaart. Je hebt voor iedere deelnemer 10 munten nodig. Het ene kind speelt met één euromunten en het andere kind speelt met twee euromunten. Als je aan de beurt bent pak je een speelkaart. Je telt hoeveel geld daarop staat. Is het goed? Dan mag je jouw euromunt op het bedrag leggen op de speelkaart. Is het fout? Dan mag jouw medespeler zijn of haar munt op het goede bedrag leggen.

Variatie

Om het wat spannender te krijgen zitten er ook twee andere speelkaarten in het spel. Een winkaart en een verlieskaart. Je kunt ervoor kiezen om deze kaarten vaker in het spel terug te laten komen (even extra uitprinten).

Winnaar is degene die de meeste munten heeft neergelegd. In het bestand vind je nog twee varianten op het spel.

Download het spel

Veel plezier met het dieren-geldspel.

Kaart 4 is speciaal voor groep 2: ronde bedragen tot 12 euro.

Wil je oefenen met het samenstellen van bedragen? Hiervoor heb ik ook een spel gemaakt: dobbelspel.